in de media
in het brabantsdagblad mei 2025

‘S-HERTOGENBOSCH – Wauw, dat is het woord dat vaak valt als iemand de eerste keer binnenloopt bij Edwin Vollebergh en Petra Janssen. Zeker als je de historie van het pand kent; dat was rijp voor de sloop.
Ruim, licht, imposant, alles schiet door je hoofd, maar ‘wauw’ vat het eigenlijk allemaal mooi samen. De verdiensten van Edwin en Petra die in 2011 het vervallen ‘WECKgebouw’ aan de Van Tuldenstraat 2 kochten van de eigenaar, buurman Vue Cinema. „Die hadden het toen net allemaal overgenomen van Eurocinema”, vertelt Edwin. Die laatste bioscoop had eerder plannen voor uitbreiding met het aangrenzende en inmiddels vervallen pand, maar VUE richtte zich liever op het ‘vervippen’ van het eigen oppervlak.
Edwin en Petra hoefden zelf niet eens weg uit hun art deco-woning van vier etages aan de andere kant van het Bossche centrum, vlak bij het station. Maar een ruimere plek waar ze wonen en werken nog beter konden toepassen, was wel een gekoesterde wens. Toen ze op een feestje hoorden dat het WECKgebouw op de slooplijst stond, gingen ze op onderzoek uit. Met succes, de deal werd beklonken. Kwestie van op het juiste moment op de juiste plek zijn, en dan moet je het ook nog eens aandurven. Het pand had naast liefde en aandacht vooral ook een enorme opknapbeurt nodig. „We hebben hier eerst een half jaar elke avond gezeten, in de kou met het houtkacheltje aan. Alleen maar gekeken, nagedacht en gepraat over hoe we het zouden aanpakken.”
Eerst terug naar de bloemrijke geschiedenis van hun huidige woning. Gebouwd in 1919, oorspronkelijk als garage voor de firma Lathouwers. Maar later stond het vooral bekend als het ‘WECKgebouw’, vernoemd naar de firma Weck, het technisch installatiebureau dat na de Tweede Wereldoorlog in het gebouw trok. Die naam bleef hangen, óók nadat het bedrijf in 1976 werd verkocht en het pand lange tijd niet meer werd gebruikt en langzaamaan in verval raakte. Edwin herinnert zich nog goed dat hij een stapel vuilnis in de hoek niet eens durfde aan te raken na de sleuteloverdracht. „God weet wat daar allemaal onder lag. Verder lag alles lag open, overal zat houtrot, er bivakkeerden zwervers en junks. De buurt was er niet blij mee, dus moest er iets met het gebouw gebeuren.”
Een klus die wel besteed was aan het creatieve koppel. Sinds 1990 eigenaren van het gerenommeerde grafisch ontwerpbureau Studio BOOT. Na het uitvoerig bestuderen van alle mogelijkheden, gingen ze aan de slag. Petra: „Waarbij de structuur en de look en feel van het pand eigenlijk helemaal is aangehouden, al is bijna alles eruit gehaald, opgeknapt of gerestaureerd, en daarna weer teruggeplaatst. We wilden niks wegdoen.” Dat maakt ze toch wel pioniers, want circulair bouwen stond in die tijd nog in de kinderschoenen. Een dikke anderhalf jaar later konden ze erin. Tijdens de renovatie kwam de oude tegelbelettering van de firma Lathouwers nog naar boven. Ook die is in ere hersteld.
Kom je binnen, kijk je niet alleen de breedte in, maar óók de diepte. De doorkijk op de groene achtertuin geeft een oase-effect, zeker met de planten die vanaf de stalen railings van de open bovenetage naar beneden slingeren. Petra laat de tuin zien, waar in het najaar de dahlia’s weer in bloei staan. „Mijn favoriete bloemen.”
Rechts en links zijn de kantoren gevestigd. Gesloten, maar toch open door de grote raampartijen. De pui van het pand is maar liefst 21 meter breed. Een zestien meter lange kast van Piet Hein Eek, zorgt voor een scheiding tussen het werk- en woongedeelte. Voor die enorme kast is het werken geblazen, daarachter de privé woonruimte, de leefkeuken en de trap naar boven. Nergens protserige pracht en praal, maar knus en functioneel. Veel items in het interieur vaak voor maar een paar euro op de kop getikt. Eclectisch, maar alles past bij elkaar.
Hun zonen verhuisden destijds mee naar het nieuwe pand; inmiddels zijn ze het huis uit. „De bovenverdieping zijn we dan ook een beetje opnieuw aan het inrichten.” Het schuine glazen puntdak zorgt voor maximale lichtinval. „Het is een beetje alsof buiten en binnen een geheel is. Bij een heldere nacht, zie je de sterrenhemel. Regenval heeft iets moois.” En de enorme lampen uit de orangerie van het Koningshuis, die tikten ze ook ergens op de kop, komen door deze constructie goed tot hun recht. Het mooie is dat dit pand er eigenlijk echt al zo uitzag.
Ja, het is ruim, maar dat is voor Edwin en Petra juist fijn. „Omdat we de ruimte ook gebruiken voor werk. We kunnen hier gewoon fotograferen, we hoeven niet naar een studio. Het is onze speeltuin eigenlijk.”

